Stemcomputers – had Janmaat gelijk?
De potloodfabrieken van Bruynzeel draaien overuren. Stemcomputers worden met het oog op de komende verkiezingen weggehaald, want ze blijken niet fraudebestendig. Zelden zal een lobby zoveel impact hebben gehad als die van Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet. Een aksiegroep – inderdaad met die spelling – van gezond traditioneel-linkse snit. Staatssecretaris Nicolai krijgt er nog steeds doorwaakte nachten van. Maar wie o wie was toch de eerste (en enige) politicus in Nederland die ooit kritiek uitte op het gebruik van stemcomputers?
Inderdaad, de lispelende doctorandus in de politicologie uit Den Haag, zo voortreffelijk na zijn dood gerehabiliteerd in Vrij Nederland dat bij leven en welzijn nog voorop had gemarcheerd in het geheel conform de linkse tradities kapotschrijven van de Hollandse Führer- de term demoniseren moest in de tijd van Janmaat nog worden uitgevonden.
Tja, het kan verkeren, lieve lezertjes. De tijd heelt alle wonden. Wie goed doet, goed ontmoet. Eén dode Centrumdemocraat maakt nog geen zomer. En meer van die volkswijsheden.
Begin dit jaar schreef ik voor Nieuwe Revu een verhaal over de aanslag in Kedichem. Op 29 maart 2006 was het exact twintig jaar geleden dat linkse actievoerders een hotel bestormden waar de Centrumpartij en de afgesplitste Centrumdemocraten (van Janmaat) vergaderden. Een aanslag waarbij Wil Schuurman, de latere echtgenoot van de niet geheel roosvrije rechtse roerganger, een been verloor. Hoewel de gemeente van de demonstratie op de hoogte was, werden slechts twee petten ingezet. Ze stonden erbij en keken ernaar. Het hotel fikte tot op de grond toe af.
Voor het artikel sprak ik met een aantal demonstranten, maar ook met CP’ ers en CD’ ers die van het inferno getuige waren geweest. Ze hadden nog hoogst zelden hun verhaal kunnen doen in de media, die in die jaren actief campagne voerden tegen Hans Janmaat of op zijn best hem doodzwegen. Revu streed zelfs met wapperende SP-vaandels voorop. Het waren de jaren van geëngageerde journalistiek, zullen we maar zeggen.
The times they are a changing.
Op de CP’ ers en CD’ ers maakten de gebeurtenissen in Kedichem tot op de dag van vandaag diepe indruk. Ze waren wel wat gewend, overigens. Al eerder waren door krakers partijbijeenkomsten verstoord – in Boekel was zelfs op leden van de CP geschoten. Er waren vele bedreigingen geweest. Ach, vergelijk het met hoe Rita Verdonk, Geert Wilders en – in nog sterkere mate – Michiel Smit (Nieuwrechts) het leven onmogelijk wordt gemaakt door uitkeringsgerechtigden in speculatiepanden (zoals ik het nu maar even omschrijf). In die zin is er dan toch weer niet zó veel veranderd.
Anyway.
Kedichem veroorzaakte een splitsing in de rechtse beweging. De gewone burger keerde zich af van de Centrumpartij, vanwege de geur van agressie die om de partij hing. Het linkse geweld had geloond. De Centrumdemocraten waren dan ook van een ander kaliber, of allooi, zo u wilt. De CD trok outcasts, werklozen en gefrustreerde bouwvakkers. De CP had juist altijd ernaar gestreefd een brede middenpartij te worden. Toen ik de oude partijprogramma’ s van de Centrumpartij doorbladerde viel mij op hoe weinig de standpunten verschilden van bijvoorbeeld een PvdA, SP of zelfs GroenLinks van nu.
Ook Janmaat zelf werd na Kedichem niet meer de oude. Janmaat was van nature al achterdochtig, maar zijn paranoia begon nu ongekende vormen aan te nemen. Achter elke boom zag hij een BVD’ ers (niet geheel ten onrechte trouwens, de CP en CD werden naar hartelust geinfiltreerd door de staatsveiligheidsdienst) en op het laatst meende hij zelfs dat de Israëlische Mossad achter de aanslag in Kedichem had gezeten.
Iemand van de CD die ik in februari sprak, leek ook al door dit achtervolgingsvirus te zijn besmet. “U weet toch dat we in 1998 door verkiezingsfraude al onze zetels zijn kwijtgeraakt?”, sprak de man. “O zeker, ze waren tot alles in staat.”
In 1998 werd de CD inderdaad van de politieke landkaart gevaagd. Dat jaar waren er zowel landelijke- als gemeenteraadsverkiezingen. In 1994 bekleedden de Centrumdemocraten nog 74 zetels in de gemeenteraden.Vier jaar later was er slechts eentje overgebleven. In de Tweede Kamer gingen drie zetels down the drain.
Het was het jaar dat voor het eerst op grote schaal met stemcomputers werd gewerkt…
Voor Janmaat was het duidelijk: er was sprake van een’ordinaire stembusfraude’ . In zowel Amsterdam als Den Haag viel de centrale stemcomputer uit. Aanwezigen moesten uren wachten op de uitslag. System coming down! In de hoofdstad was de man die de storing had moeten oplossen een groot deel van de avond spoorloos. Hij lag in de sauna.
“De storingen bij de stembusmachines in bijvoorbeeld Den Haag waren er echt niet voor niets”, meende Janmaat. “Door middel van storingen konden stemmen op de CD worden weggepoetst.”
Volgens Janmaat hadden, gezien de opiniepeilingen voor de verkiezingen, door de CD tenminste enige raadszetels in de hoofdstad en de Hofstad moeten worden gescoord. Op het raadspluche in Den Haag bezetten de Centrumdemocraten in 1994 vijf zetels. In Amsterdam drie. Tegelijk met de komst van de stemcomputer bleken die in digitale stratosferen te zijn opgelost.
In een uitzending van het tv-programma Het Zwarte Schaap in 1999 kwam de aandoenlijk onhandige politicus – bergje roos op de schouders, vettige beslagen brillenglazen – er nog eens op terug. “Ze hebben versneld stemcomputers ingevoerd, en de programmeur bepaalt de uitslag.”
Uiteraard was hoongelach Janmaats deel. En iedereen was gelukkig dat de bruinhemden (of zwarthemden, daar wil ik vanaf zijn) waren kalltgestellt. Eind goed al goed. De ratten waren verdelgd. Het naoorlogs verzet had dapper weerstand geboden en overwonnen.
Het is november 2006. Her en der in het land, onder meer in Amsterdam, mogen de kiezers straks, op 22 november, weer het ouderwetse genoegen smaken om het Bruynzelpotloodje ter hand te nemen. Het kabinet heeft aldus impliciet erkend dat er met stemcomputers gesjoemeld kan worden, in elk geval de controle sterk te wensen overlaat.
Jawel, lieve lezertjes, onze democratie hing even aan een zijden draadje! Als de aksiegroep Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet er niet was geweest.
Laten we nog eens kijken wat de site www.wijvertrouwenstemcomputersniet schrijft:
“Of het nu over de feitelijke stemming of het tellen van de stemmen ging: er was in de tijd van het stembiljet een samenzwering van fenomenale proporties voor nodig om ongezien de uitkomst van de verkiezingen te vervalsen. Verkiezingsfraude is van alle tijden, maar de procedure was betrekkelijk waterdicht…”
“Met de komst van de stemcomputer is dit allemaal veranderd. De telling van de stemmen is een gesloten proces, waar de leden van het stemburo geen enkel zicht op hebben. (… ) De controle op het verloop van de telling van de stemmen is uit handen gerukt van de vele duizenden mensen die dat voorheen deden en verplaatst naar een handjevol anonieme technici en burocraten bij fabrikanten, testinstellingen en overheidsorganen.”
Hetgeen de vraag opwerpt: had Janmaat gelijk? Zijn er tijdens de eerste verkiezingen met stemcomputers in 1998 stemmen die de CD volgens de peilingen had moeten krijgen weggepoetst?
We weten inmiddels dat politieke fraude, dubieuze kartels, corruptie bij politie en justitie en politieke moorden niet zijn voorbehouden aan Kirgizië of Zuid-Italië (een oud maar hardnekkig misverstand). We mogen wel stellen dat alles dat in het buitenland gebeurt ook hier gebeurt. Hoogstens komt het wat later aan het licht.
Tijd derhalve voor een private investigation.
Ik heb twee bekende opiniebureaus benaderd en gevraagd naar de polls in Den Haag, voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen van maart 1998. Maar helaas, ze hadden er geen onderzoek naar gedaan. Wel was er de algemene politieke barometer die het hele jaar doorgaat. Uit het onderzoek van Interview/NSS bleek dat de CD op 28 februari 1998 – slechts enkele dagen voor de gemeenteraadsverkiezingen – nog op 3 Kamerzetels stond. Hetzelfde aantal als de partij op dat moment in de Tweede Kamer bekleedde. Geen vooruitgang, maar ook geen achteruitgang.
Een kleine rekensom uit de losse pols leert mij dat er dus minimaal 150.000 mensen – als de peilers het bij het juiste eind hadden – op de CD wilden gaan stemmen. Gezien het feit dat de Cenrumdemocraten vooral in de grote steden vertegenwoordigd waren, moet dat een behoorlijk aantal zetels hebben opgeleverd in steden als Rotterdam, Den Haag en Amsterdam.
Maar ja, dat was niet het geval, zoals ik al schreef. In Den Haag van 5 naar 0. In Amsterdam van 3 naar 0. Landelijk: nulll. Wonderbaarlijk.
Stembusfraude, dat kon niet anders.
Verheugd over mijn vondst probeerde ik zondagavond de twee woordvoerders van Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet te bereiken. Ik wilde hen van harte feliciteren met het feit dat ze het bij het rechte eind hadden gehad. Er was nu niet alleen in theorie verkiezingsfraude mogelijk gebleken door het gebruik van computers, ik had een loepzuiver praktijkvoorbeeld blootgelegd.
Rob Gonggrijp nam niet op.
Maurice Wessling wel. Maar ja, die zat met zijn kinderen.
“Ik zit met de kinderen. Kunt u misschien een andere…”
“Ik zal het heel kort houden. Weet u welke politicus als eerste de stemcomputer hekelde?”
“Uh.. even denken… een paar jaar geleden.. hoe heette die ook weer.. het was een interview in HP..”
“Nee, die bedoel ik niet. Véél eerder…”
“…”
“Hans Janmaat!”
“Ach, dat verhaal…. tja… .”
“Het mooie was dat de vermaledijde stemcomputer toen net was ingevoerd. 1998! De gemeenteraadsverkiezingen! U heeft volkomen gelijk!”
“Jaja… Nou… zoals ik zei: ik zit met de kinderen. Het is zondagavond. U kunt mij morgen terugbellen. Goedenavond!”
Goh. Als ik niet beter wist, zou ik toch bijna gaan denken dat aksiegroep Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet helemaal niet zit te wachten op mijn ontdekking dat Janmaat postuum als het ware de stemcomputerfraude heeft ontmaskerd. Maar neuh… neuh, dat kan niet waar zijn. Daar zijn die jongens van Wij Vertrouwen Stemcomputers Niet véél te principieel voor.
Wordt deze week ongetwijfeld vervolgd.
