Het belang van de Rammende Rechter
Welke artikelen scoren goed bij lezers? In mijn geval alles over Hells Angels, alles over pedo’s (liefst als ze een toga dragen) en alles over criminelen die de status van BN’er hebben bereikt, zoals Willem Holleeder. Ook de Chipsholzaak en Deventer Moordzaak beroeren de gemoederen hevig. Soms schrijf je een verhaal dat je zelf van groot belang acht, maar waar relatief weinig reacties op komen. Dat gebeurde mij onlangs met De Rammende Rechter.Waarom waren de reacties zo lauw?
Ik zie drie mogelijkheden:
- Ik heb het niet helder opgeschreven (‘de boodschap’ niet goed ‘gecommuniceerd’ zouden ze in de politiek zeggen.)
- De Rammende Rechter wordt niet serieus genomen. Hij is een van wrok en rancune doortrokken persoon.
- Ik zie het verkeerd. Het artikel in Revu was inhoudelijk helemaal niet van belang.
Over mogelijkheid 1 kan ik zelf niet oordelen. De persoon van de Rammende Rechter dan. In het artikel had ik zelf al aangegeven dat de oud-raadsheer, die gedwongen ontslag nam wegens mishandeling van zijn vriendin, wel deels door rancune zal worden gedreven. Maar doet dat ertoe? Als er niet iets heel erg mis was gegaan tussen Wicher Wedzinga en de rechterlijke macht/justitie zou hij nooit met zijn unieke verhaal naar buiten zijn gekomen.
Rancune is een drijfveer waar wij journalisten ons voordeel mee kunnen doen. Net als jaloezie. René Lancee is ongetwijfeld een van haat tegen justitie vervuld persoon, maar is wat hij te zeggen heeft daardoor minder relevant? En neem Ad Bos, de ‘klokkenluider’ in de bouwfraude-affaire. Iemand die jaren in die wereld meedraaide en meesjoemelde. Het maakte de omvang van zijn onthullingen toch niet minder groot? In veel gevallen weten we trouwens helemaal niet wat iemands drijfveren zijn.
Relevanter is: klopt het wat iemand vertelt, is het op zijn minst aannemelijk? Ik denk dat Wedzinga in detail en zeer uitvoerig uit de doeken heeft gedaan hoe het er bij het gerechtshof Leeuwarden in de praktijk aan toegaat. Bien. Wat was dan, afgezien van de smakelijke anekdotiek, mijns inziens zo belangrijk aan de inside-information van Wedzinga? Wat had hij voor opmerkelijks te melden? Ik vat het even samen:
- De rechterlijke macht en het Openbaar Ministerie zitten – bij het hof Leeuwarden zelfs letterlijk – te veel op elkaars lip. Het gevoel dat verdachten soms bekruipt dat officieren en rechters ‘onder een hoedje spelen’ bestaat dus niet geheel ten onrechte.
- Rechters staan onder geweldige tijdsdruk. Dat komt de kwaliteit van de strafrechtspraak en van de vonnissen niet ten goede
- Rechters lijden soms aan tunnelvisie. Ze zijn ´murw gebeukt´ door al die criminelen die ze jaar in, jaar uit voor hen in het verdachtenbankje zien. De wettelijke voorronderstelling dat iemand onschuldig is tot het tegendeel is bewezen, komt aldus in het gedrang.
- Rechters hebben ‘de ballen verstand’ van technische zaken als DNA. Ze nemen klakkeloos rapporten over van niet altijd even onafhankelijke deskundigen, niet zelden ten nadele van de verdachte.
- Rechters gaan – vanwege die tijdsdruk en een zekere ondeskundigheid – vooral af op hun ‘gevoel’. Niet op de feiten.
- Het Openbaar Ministerie is de stuwende facor in een strafproces. Het OM stelt niet alleen het dossier samen waar een rechter zich op baseert (en dat soms incompleet is), maar kan er tevens voor zorgen dat de juiste (lees: meest inschikkelijke) rechter op een lastige zaak wordt gezet, zo vertelde Wedzinga. Voor mij een eye-opener.
- De figuur van de rechter-plaatsvervanger is zeer discutabel. Niet alleen zitten er politici onder (trias politica!), ook advocaten, ambtenaren van het Justitie-departement en zelfs officieren van justitie vielen bij het hof Leeuwarden (en elders zal het niet anders zijn) in als rechter.
- Advocaten, met name in het noorden en oosten van Nederland, hebben te weinig mankracht/kennis van zaken om tegenwicht te bieden aan het OM. Ernstiger is dat zij volgens Wedzinga ‘te dociel’ zijn naar rechters/officieren toe, doordat ze te graag in het lokale circuitje meedraaien.
- In zijn algemeenheid is het beeld dat Wedzinga schetst dat van een ‘kleffe’ wereld. Advocaten, officieren, rechters – ze nemen te weinig hun eigen verantwoordelijkheid. “Het is een incestueus wereldje”.
- Nu ja, dit alles vind ik enorm belangrijk. Hier kunt u het artikel in Revu over de Rammende Rechter downloaden.
